|
Genieten op zesde
editie Rosblues in Rosmalen
Zaterdag 30 oktober 2010
In
een uitverkocht Partycentrum De Kentering in Rosmalen, ruim 650
bezoekers, heeft de organisatie van dit vrij jonge festival een zeer
interessante line-up weten te strikken. Een muzikaal gamma dat
strekt van de volvette blues tot de doorgewinterde rock met daar
tussendoor diverse verschijningsvormen van blues, jump en roots.
Drie gelouterde Engelse formaties en een Nederlands kwartet zijn
gestrikt om deze editie tot een succes te maken.
Bijzonder fraai is het dat zo’n jong festival al vanaf de eerste
editie gevestigde namen weet te strikken om hier te spelen. En ieder
jaar weer loopt Partycentrum De Kentering vol publiek dat wil
genieten van heerlijke muziek. Muziek in ieders straatje en
voldoende variatie. Vooral dat laatste is vandaag tot uitdrukking
gekomen bij de line-up die hier staat.
Rinus
van Zuidam, de organisator, geeft om half acht de voortzet door aan
Ian Siegal met zijn band. Voor mij als blues liefhebber even wennen
omdat ik een artiest met zo’n naam en impact meestal aan het einde
van het festival verwacht. Hier mag hij de spits afbijten, voor hem
misschien ook wel onwennig, maar daar laat hij zich niet in kennen.
Voor de volle 100% gaat Ian met zijn band er tegenaan, iets wat we
al van hem gewoon zijn. Met behulp van een wandelstok, geheel
voorzien van fantastisch houtsnijwerk beklimt hij het podium.
Heerlijk is het dan om te horen hoe hij zijn eigen werk afwisselt
met prima gekozen covers van zijn voorbeelden. En dan vooral hoe hij
‘Nadine’, een nummer van Chuck Berry en ‘Carmelita’ van Warren Zevon
neerzet of liever gezegd speelt.
Zowel zijn zang als
gitaarspel zijn prima om te horen en te zien dat geldt ook voor een
van de betere bassisten uit Engeland: Andy Graham en drummer Nikolaj
Bjerre. Een prima op elkaar ingespeeld trio zoals nu ook weer eens
blijkt. Dat Ian soms heel kritisch naar andere muzikanten kan zijn
laat hij blijken door een sneer uit te delen aan Joe Bonamassa, iets
wat hij wel vaker doet.
In
de kleine zaal zal iedere keer tussen de optredens op het
hoofdpodium Bas Kleine & His Harmaniacs spelen. Dit Nederlandse
kwartet heeft al rijkelijk ervaring in de muziekwereld opgedaan en
met kwinkslagen naar het publiek toe is het ijs al meteen gebroken.
Met een contrabas, een
snaredrum,
mondharmonica en gitaar en een goede song lukt het hun de zaal in
hun greep te krijgen.
Muzikaal begeven zij zich op een pad dat het midden houdt
tussen blues, wortels, jump en meer aanverwante stijlen. Bas Kleine
heeft het wat dit betreft goed voor elkaar. Hij is een puik
harpspeler die daarnaast ook nog een aardige stem heeft. Daar blijft
het niet bij, de band zelf is ook al steengoed en ze laten zien dat
er zin in hebben. Iedere keer dat ze vanavond spelen gaan ze er
voor. Ik kan genieten van blues waarbij de harp een hoofdrol speelt.
Dus word ik vanavond bij Bas Kleine en zijn kompanen goed bediend.
We worden getrakteerd op een diversiteit aan songs zoals het
openingsnummer in de eerste set: ‘Gonna Have A Party Tonight’ in een
lekker vette uitvoering of het aloude bekende ‘Rockin Robin’ om maar
eens enkele van die toenmalige hitjes te noemen.
Op vele verzoek staat voor de derde keer Danny Bryants Redeye Band
op het hoofdpodium geprogrammeerd. En als deze gitaarbeul komt, dan
weet je dat het van dik hout planken zagen wordt. Met de eerste
gitaaraanslag krijgen we een stortvloed van bluesrock over ons heen
gespoeld. Snoeihard gitaarwerk met aangepaste zangpartijen.
Het wordt steeds drukker voor aan het podium want hij is een graag
geziene muzikant die een stijl hanteert vergelijkbaar met die van
Walter Trout. Het harde werk van hem is niet zo mijn ding maar als
hij zo nu en dan heel ingetogen werk speelt zoals ‘For The Last
Time’ of ‘Master Disaster’ dan geniet ik met volle teugen. Maar voor
het merendeel van het publiek kan het niet stuk hoe sneller en
harder hij over zijn gitaar scheurt hoe mooier ze het vinden. Des al
niet te min moet ik toegeven dat Danny Bryant een goede keuze is
geweest. Hij levert weer een puik stukje werk af.
Het
festival wordt afgerond door de ‘mastodonten’ van de rock. Zij
stonden al op Woodstock en draaien nog steeds mee in de hoogste
regionen van de rock. Alvin Lee heeft enkele jaren geleden afscheid
genomen van de band en is vervangen door: Joe Gooch. Een verdomd
waardige vervanger die de band weet te leiden. Hij is een begenadigd
gitarist, snel, misschien niet zo snel als Alvin Lee, maar toch….
Hij staat zijn mannetje en het is niet fair om te zeggen dat dit
niet meer Ten Years After is. Ze bewijzen eens te meer dan ze ook
zonder Alvin Lee een zaal plat krijgen. Uiteraard verwacht het
publiek dan ook de bekende krakers als ‘Little School Girl’, ‘Going
Home’, ‘Hobbit’ en ‘Hear Me Calling’. Dat krijgen ze ook te horen,
en naar mijn idee, net zo goed als vroeger.
Joe Gooch heeft de band ook een nieuwe impuls gegeven en zo komt de
band dan ook met nieuw werk op de proppen. Dat is natuurlijk voor de
mensen wennen maar dat neemt niet weg dat dit erg goed werk is dat
met zijn tijd meekan. Een nummer als ‘Bad Blood’ en ‘Big Black 45’
is daar het bewijs van. Het optreden klinkt vertrouwd en een stukje
jaren zeventig komt voorbij met al zijn herinneringen. Dit is een
van de bands waarvoor ik onder andere naar Rosmalen ben gekomen.
Maar ook om
te genieten van een
heerlijke sfeer met goede muziek en een strakke maar goede
organisatie. Het is een pluim aan de organisatie waar dat zij in een
dergelijk korte tijd een dergelijk goed festival hebben neergezet.
|