|
Blueslegendes aan de
oever van De Schelde
Zondag 26 juli 2009
|
De
organisatie van het Rhythm & Bluesfestival Antwerpen heeft na jaren
de stek op de Markt in het centrum van Antwerpen verlaten De elfde
editie vindt vanaf nu plaats in het park van het Maritiem
Openluchtmuseum, in de volksmond beter bekent als ‘De Boeienweide’.
Voor de editie van dit jaar heeft men zeven, en niet de minste,
bands weten te contracteren. Absolute headliner is zonder meer de
gelegenheidsformatie met daarin de blueslegendes: Billy Boy Arnold,
John Primer, Billy Branch en Lurrie Bell. Samen met de band vormen
zij de Chicago Blues: A Living History.
Maar voordat het zover is
kondigt Kathleen Vandenhoudt om klokslag twaalf uur het Belgische
trio Sammy Cuba aan. Het trio dat zich heeft gevormd rond Filip
Casteels (ex-El Fish) krijgt zo’n drie kwartier de tijd om met hun
intensieve rootsmuziek het publiek te vermaken. Op te warmen hoeft
in feite niet want alles speelt zich af onder een blauwe hemel en zo
nu en dan een strak zonnetje. Een bijzonder sterk en bovendien prima
opening van het festival.
Voor de stevige byte zorgt de uit de UK afkomstige band The Brew.
Zij spelen stevige bluesrock in de traditie van Led Zeppelin en Jimi
Hendrix. Daar komen we snel genoeg achter als we het nummer ‘The
Joker ‘ en meer van gelijksoortige songs te horen krijgen. Het
klinkt eigenlijk wel prima wat deze band produceert. Zij zouden het
zeer goed doen op het Nederlandse Bluesrockfestival. Dat geldt ook
voor de uit Ierland afkomstige Simon McBride. Hij speelt stevige
bluesrock in de lijn van mannen als Gary Moore en Rory Gallagher.
Hoe kan het ook anders. Simon McBride heeft enige tijd terug zijn
goed ontvangen release “Rich Man Faling” uitgebracht. En tijdens
zijn optreden in Antwerpen is het natuurlijk logisch dat daar de
nadruk op ligt. Hij opent met het stevige ‘Down To The River’ om
daarmee maar gelijk de puntjes op de spreekwoordelijke “i” te
zetten. In een stevig tempo dendert hij door waarbij het redelijk
rustige ‘So Much Love Give” voor enige variatie zorgt.
Bij Matt Schofield, belanden we weer op rustigere golven. Deze
getalenteerde gitarist begeeft zich zeer verdienstelijk op het blues
en jazzpad. En af en toe verlaat hij zelfs deze paden om wat te
experimenteren. Maar met als gastmuzikant ‘Big Pete’(ex-Strikes) in
de gelederen, bestaat zijn setlist voor het grootste deel uit blues.
Doordat er op het vliegveld wat spullen zijn kwijt geraakt en hij
zijn ‘Strat’ uit 1964 niet bij de hand heeft, speelt men op geleend
spul. Daar is niets van te merken, zelfs de fanatieke luisteraar
moet verdomd goed luisteren of dat merkbaar is.
Dit feit alleen al getuigt van de kwaliteiten van deze band.
‘Stranger Blues’ een nummer van Elmore James wordt uitstekend
vertolkt evenzeer als ‘Woman Across The River’ van Freddie King is
van hoog niveau. Uiteraard wordt ook het nieuwe werk van zijn pas
verschenen cd “Heads, Tails & Aces gespeeld dat regelmatig wordt
afgewisseld met wat ouder eigen werk. Na ruim vijf kwartier sluit de
band een prima optreden af met het nummer ‘I Believe’.
De echte ‘blues’ komt naar mijn gevoel pas met het optreden van ‘Ian
Siegal’. Gezeten in een rolstoel, vanwege een gebroken voet, laat
hij zich op het podium zetten. Hij neemt plaats op een kruk en gooit
gelijk buskruit op het vuur. Ongeacht in welke toestand Ian Siegal
is, hij gaat er altijd voor de volle 100% tegenaan. Mooi was daarom
ook zijn opmerking over de ‘pussy’ musicians, die bij ieder kwaaltje
wel een grond hebben om iets te annuleren. Kijk maar eens naar Peer
waar een of andere ‘Joe’ speelde…. Hiermee krijgt hij alle lachers
op zijn hand. Voor de liefhebbers van zijn muziekstijl hoeft hij in
feite weinig te doen. Zijn uitvoering van ‘Hey Bo Diddley’ dat
overgaat in ‘Who Do You Love’ is schitterend om te horen. En dat
vindt ook het grote publiek dat nu eigenlijk pas op volle sterkte
aanwezig is.
Ook hier wordt: ‘Big Pete’ het podium op gedirigeerd om enkele
nummers mee te jammen. Maar ook zijn eigen werk als ‘The Revelator’
en Warren Zevon’s song “Carmelita” zijn uitstekend uitgevoerde
songs. Hij sluit in een toegift het optreden af met zijn eigentijdse
uitvoering van ‘Train Train’ waarbij André de Laat (The
Electrophonics) hand en spandiensten op de saxofoon verleent. Dit
optreden wordt door mij gerekend als een van de beste van het
festival.
Wie vorige week op Peer is geweest heeft al kunnen genieten van Mike
Sanchez and The Seatsniffers. Nu zijn echter de rollen omgedraaid en
staat er op het affiche The Seatsniffers feat. Mike Sanchez. Dit
houdt in dat het eerste uur in het teken staat van eigen werk van
onze zuiderburen The Seatsniffers. Met nogal pittige countryblues
gemixed met rock and roll en rockabilly spettert dit optreden. Het
is altijd plezierig om deze mannen te zien optreden. Net zoals bij
Ian gaan ook zij voor de volle 100% en dat is iets wat het
voltallige publiek wel weet te waarderen. Het laatste uur staat dan
in het teken van Mike Sanchez. En ook hij gaat er op zijn vleugel
stevig tegenaan. Samen met The Seatsniffers doet hij er nog een
schepje bovenop en is het ondoenlijk om je oren en ogen af te wenden
van het podium. Dat moet je bij dat moois ook absoluut niet doen.
Nummers als: ‘Coalminer’, ‘Safire’ en ‘Red Hot Mama’ passeren de
revue. En zoals in Peer, en zoals we eigenlijk van hen gewend zijn,
is het een prachtig optreden. Een toegift valt hen uiteraard ten
deel waarbij Mike ‘Heeby Jeebies’, een nummer van Little Richard
speelt.
De absolute topper is
ongetwijfeld de gelegenheidsformatie die onder de naam: ‘Chicago
Blues: A Living History’ door Europa tourt en daar de geschiedenis
van de Chicagoblues promoot. Zij staan hier in Antwerpen exclusief
voor België op het podium. En het zijn inderdaad levende en
historische legendes. Niemand minder dan: Billy Branch, Lurrie Bell,
John Primer, Billy Boy Arnold, Matthew Skoller, Felton Crews, Johnny
Iguana, Billy Flynn en Kenny Smith hebben zich verzameld in deze
band. De vaste crew van de band begeleidt daarbij afwisselt Billy
Branch, Lurrie Bell, John Primer en Billy Boy Arnold. Matthew
Skoller vervult daarbij de taak als spreekstalmeester en uiteraard
als harpspeler.
Billy Boy Arnold bijt de spits af met: ‘My Little Machine’ gevolgd
met diverse bekende songs uit de Chicago Blues. De nummers zijn
gekozen vanaf het jaar 1940 tot en met heden en iedere legende
speelt zijn eigen gekozen songs.
Natuurlijk zijn daarbij nummers die eruit springen, hierbij mag ik
zeer zeker niet vergeten hun uitvoering van ‘I Believe’ van Elmore
James of ‘Sugar Sweet’ hier vertolkt door Billy Branch. Natuurlijk
missen we ‘I Wish You Would’ van en gespeeld door Billy Boy Arnold
niet. Dat geldt ook voor ‘My Love Will Never Die’ van Willie Dixon.
Hier op bewonderenswaardige wijze vertolkt door Lurrie Bell met
daarnaast Johnny Iguana op de Hammond. Woorden komen me te kort om
aan te geven wat we hier hebben mogen beleven. Volvette Chicago
Blues van absolute wereldtoppers verzameld in een band, iets wat we
niet snel meer zullen meemaken. Een klapper van een optreden dat we
niet meer zullen vergeten.
Rhythm And Bluesfestival Antwerpen is op een bijzondere manier
afgesloten en daarvan waren ruim 2000 mensen getuige. Buiten een
goed affiche ben ik zeer tevreden met de locatie en de aanwezige
voorzieningen. Nu op naar de twaalfde editie in 2010.
|
|